top of page
  • Bonne Fennema

Warmtepomp elektriciteit besparing met een ClimateBooster?

Bijgewerkt op: 18 jan.

Met het toepassen van ClimateBooster in traditionele gasgestookte verwarmingssystemen zijn besparingen van circa 20% op het gasverbruik te behalen. Daarnaast zal de snellere en gelijkmatigere opwarming van een ruimte voor een enorme verbetering van het comfort zorgen. Maar ook bij het toepassen van ClimateBooster in een verwarmingssysteem met een warmtepomp zijn aanzienlijke besparingen tot zelfs 25% te behalen! Wil je meer weten over de voordelen? klik hier!



Warmtepomp

​De conventionele gas gestookte verwarmingsinstallaties werken doorgaans op een aanvoertemperatuur van circa 75°C. Door de uitfasering van de gas gestookte verwarmingsketel, is de blik van de installatiebranche nu gericht op hét vooruitgeschoven alternatief voor een gasloze toekomst: de warmtepomp. Warmtepompen werken echter vaak met een aanvoertemperatuur van 35°C tot een maximum van circa 55°C. Hierdoor verschuift ook de aandacht van installateurs richting het afgiftesysteem, wat nu geschikt gemaakt moet worden voor deze lagere temperaturen.






''Het afgiftesysteem moet geschikt zijn voor lage temperaturen 35°C - 55°C om efficiënt te werken met een warmtepomp''







Werking van de warmtepomp

Een warmtepomp maakt gebruik van een secundaire energiebron. Dit kan bijvoorbeeld lucht, maar ook vloeistof zijn. In het geval van de secundaire energiebron lucht spreken we van een lucht/water warmtepomp, welke gebruik maakt van buitenlucht of eventueel ventilatielucht. In het geval van een secundaire energiebron water spreken we van een water/water warmtepomp. De werking van de warmtepomp zelf is echter in beide gevallen gelijk.

Een warmtepomp maakt gebruik van twee energiebronnen. Dit kan naast elektriciteit ook bijvoorbeeld lucht of water zijn.

De secundaire energiebron, bijvoorbeeld water of lucht, heeft een bepaalde temperatuur. Deze temperatuur wordt in de ‘verdamper’ overgebracht op de interne vloeistof van de warmtepomp, het koudemiddel. Anders dan bij water is dit koude middel bij de heersende temperatuur, bijvoorbeeld 10°C, gasvormig. Dus terwijl water pas bij het kookpunt van 100°C gasvormig wordt, is dit koudemiddel al gasvormig bij 10°C. Een gunstige eigenschap van gas is dat het samengeperst kan worden waardoor de druk zal verhogen. Door het verhogen van de druk zal ook de temperatuur van het gas toenemen. Doordat ons gasvormige koudemiddel door de compressor in druk wordt verhoogd, zal de temperatuur van circa 10°C stijgen naar circa 60°C. Dit alles bij een interne druk van circa 25 bar. Het koudemiddel, wat nu dus niet meer zo koud is, wordt over de condensor geleidt. In de condensor wordt de warmte van het koudemiddel (60°C) afgestaan aan het water van het verwarmingssysteem van de woning. Hierdoor zal het koudemiddel in temperatuur afnemen en daarbij condenseren tot vloeistof. Om weer energie op te nemen uit de secundaire energiebron, is het nodig het koudemiddel verder af te koelen. Om af te koelen, zal de druk van het koudemiddel weer verlaagd moeten worden. Dit vindt plaats in het ‘expansieventiel’. Door dat de druk van het koudemiddel weer lager wordt, zal het koudemiddel weer verdampen en in de verdamper dus ook weer energie uit de buitenlucht op kunnen nemen, waarna de hele cyclus weer opnieuw begint. Meer informatie over de werking van warmtepompen lees je hier.